Dood hout een bron van leven

Het idee is ontstaan om een educatief project op te starten waar vooral jonge mensen van kunnen leren en ook daadwerkelijk aan kunnen deelnemen. Doel van dit project is de jeugd meer bewust te maken van hun leefomgeving, de natuur, duurzaamheid en de biodiversiteit.
Binnen onze vereniging is een Ecowallenwerkgroep actief die zich hier mee bezig houdt. Deze werkgroep Ecowallen wil scholen helpen, in samenwerking met gemeente en bedrijven (hovenier), Ecowallen op te werpen. Dit ter bevordering van de biodiversiteit als een aanschouwelijk educatief project, ondersteund met speciaal daarvoor gemaakt lesmateriaal. De werkgroep poogt ook te bereiken dat in de gemeente Opsterland over het algemeen duurzaam wordt omgegaan met energie en ecologische potentie van het (snoei-)afval.

 

Wat is een Ecowal?


Plaats bepalen van een Ecowal

Gedurende een aantal jaren worden snoeihout, stronken en stobben verzameld en in een lijnvormige wal gestapeld. Er ontstaat een natuurlijke verhoging die als afscherming of beschutting kan dienen voor mens en dier. In en om deze wal barst het van het leven. Allerlei insecten, paddestoelen, mossen en ander leven zullen in de wal hun onderkomen vinden. Het wordt als het ware een levend biodivers flatgebouw waar het welig tiert van leven, wonen, jagen, eten en gegeten worden. Uiteindelijk 'verdwijnt' de hoop in de natuurlijke kringloop, verteert en verzakt het volkomen en blijft er uiteindelijk een dun laagje vruchtbare compost/humus achter, wat door planten, heesters en bomen als voedsel door hun wortels zal worden opgenomen. Ondertussen heeft de Ecowal wel heel veel leven en een bestaansmogelijkheid gegeven aan veel plaagcorrigerende, en natuurlijke weerstand versterkende organismen.
Om dit proces en de Ecowal in stand en op gang te houden zal hij zeker jaarlijks moeten worden aangevuld met (snoei-)hout en stobben. Er zullen niet alleen vogels en andere kleine dieren in de wal komen wonen, schuilen of naar voedsel komen zoeken of jagen; de wal biedt ook een uitstekende overwinteringplek voor bijvoorbeeld padden, kikkers en egels.

 

Wist u trouwens dat:
In een natuurlijk bos het aandeel dood hout zo'n 40% bedraagt...
De helft van alle bosplanten en dieren leeft van of op dood hout...
In de natuur geen afval bestaat en er alleen maar gesloten kringlopen zijn...

 

De beste plaats voor een Ecowal


Aanvoer dood hout

Waar moeten we rekening mee houden bij de opbouw van een Ecowal?
In principe kunnen we overal, in bossen, boomsingels, stadsparken maar ook in schooltuinen, een Ecowal bouwen. Takkenrillen/stobbenwallen remmen tochtende en uitdrogende luchtstromen vlak boven de grond. Maken we de Ecowal zo'n 1,5 meter hoog dan kunnen we duidelijk luwte en beschutting in de tuin creëren. De wind waait het meest uit het zuidwesten. Maar ook een wind uit het noordoosten, in voor en najaar en in de winter als er weinig beschutting is, kan flink koud zijn doordat heesters en bomen hun blad hebben verloren! In tuinen gaat het veelal om de vraag waar simpelweg plek is voor zo'n Ecowal. Belangrijk is het wel om aansluiting te maken met reeds aanwezige natuur, bijvoorbeeld in contact met een bestaand bosje, plantsoen of sloot. Of we laten de Ecowal gedeeltelijk in een bosje opgaan met de daarin reeds aanwezige flora en fauna (de Ecowal als verbinding- en natuurversterkende weg). Bovendien hoeft er vanuit het bosje niet ver gesleept te worden met snoei- en takkenmateriaal naar de takken- en stobbenwal.
Om zo optimaal mogelijk biodiversiteit te bevorderen is het belangrijk de Ecowal zo te situeren dat er zoveel mogelijk variatie in (micro)klimaat ontstaat. Zo kan haar vorm en ligging nat/droog/hoog/laag/zon/schaduw/
wind/beschutting de hiervoor genoemde variatie bewerkstelligen.
Wat betreft de ligging van de Ecowal moeten we er op letten dat deze schaduw kan veroorzaken waardoor afgezaagde stobben in een hakhoutbosje door lichtgebrek niet meer opnieuw kunnen uitlopen. Een ligging van noord naar zuid geeft, door meer lichtinval, minder problemen in zo'n bosje. Maar ook een ligging van oost naar west is best mogelijk, maar dan alleen aan de noordzijde van het bosje. Hergroei blijft dan, na afzetting van het bosje, goed mogelijk.
Verbinden we de tuin doormiddel van Ecowallen met de omgeving of de verschillende natuurobjecten in de tuin zelf, dan krijgen we veel meer mogelijkheden voor die natuur. De Ecowal wordt bijvoorkeur slingerend, variërend in hoogte, met horizontale (dikte)verschillen in de tuin aangebracht. Variatie ontstaat in aansluitende glooiende verbinding met de (onder)grond zodat plekken die droog blijven (en daarmee ook de bovenliggende ril) worden afgewisseld met vochtiger plekken.
Ook is er de mogelijkheid de Ecowallen (mede) te gebruiken als keringswal en als afscheiding naar een sloot (waar kleuters evt. in terecht kunnen komen), als geleiding langs een pad, of als afscherming van een stukje tuin wat bedoeld is voor rust en natuurontwikkeling en daarom niet betreden mag worden. Uiteindelijk geldt dit laatstgenoemde ook voor de Ecowal zelf.
Het is goed te weten dat hoe dikker het hout is, hoe langer het mee gaat in zo'n Ecowal. Als het hout langzaam wordt afgebroken door natuurlijke processen komen er geleidelijker (voeding-)stoffen vrij en des te minder vindt er verstoring plaats (overwoekering van brandnetels en bramengroei). Bovendien kunnen meer organismen profiteren bij de afbraak van het hout en zal de Ecowal minder vaak aanvulling behoeven.

 

Ruimtegebrek?


Ecowal in bestaande bosjes

Bij ruimtegebrek is het mogelijk (uit nood) de Ecowal hoog en steil op te bouwen. Wel ontstaat op deze manier een minder goed composterende, variërende en biodiversiteitbiedende houtige materie. Vanwege dat ruimtegebrek, maar ook voor het gemak bij het stapelen, kunnen we eventueel gebruik maken van het om en om zetten van palissaden. Hard hakhout als bijvoorbeeld van de tamme kastanje gaat (onbehandeld 25 jaar) lang mee. Ook kunnen we gebruik maken van verse wilgen- of populierentakken die weer kunnen uitlopen (groeien) als er voldoende licht aanwezig is.
Handig en voor de hand liggend en met een natuurlijke uitstraling kunnen we ook gebruik maken van bestaande struiken of bomenrijen waar we het (snoei)hout eenvoudigweg tussendoor kunnen vlechten met een stevig eindresultaat.

 

Tot slot

Alles in de natuur wordt evenzo vrolijk gerecycled met tegelijkertijd veel om zich heen scheppend leven. Door Ecowallen brengen we, met het 'dode' hout, voedsel en leefmogelijkheden voor zeer veel organismen in de tuin. Naast bevordering van biodiversiteit biedt de wal natuurbeleving en educatiemogelijkheden voor de jeugd evenals mogelijkheden voor spel.
Ineens is groenafval van gemeente en particuliere tuinbezitters geen afval meer maar waardevol natuureducatief-, verwonderings- en vooral plezierscheppend materiaal geworden.

 
Hasan Gadellaa / Verschenen in de Geaflecht van juni 1996

« terug naar overzicht artikelen