18 mei 2022

Verslag weidevogelexcursie

Verslag weidevogelexcursie

Excursie Gouden Boaiem 7 mei 2022

Enigszins verbaasd troffen we op 7 mei een paardenmarkt aan op het parkeerterrein bij de Skâns. We konden dus niet parkeren en ook hadden zich nogal wat groepjes verzameld (anders zijn we als excursiegangers het enige groepje). Er moest dus goed gekeken worden of er sprake was van “vogelaars” of “paardenmensen”.

Uiteindelijk vonden 7 vogelaars elkaar toch en konden we via de snelweg richting Woudsend vertrekken. In Woudsend aangekomen, moest er vervolgens nog even gecommuniceerd worden om elkaar en de boot te vinden maar uiteindelijk lukt dit toch voor de meesten. Helaas was er 1 deelnemer naar de Gouden Boaiem in Heeg gereisd waar recreatievilla’s als adres “Gouden Boaiem” hebben (dat weten we dat als organisatie ook weer….).

Met de 9 mensen die direct naar Woudsend waren afgereisd, hadden we een mooie groep van 15 geďnteresseerden. In de vaartocht naar het bedrijf van Pystje en Klaas Bokma kregen we een interessant historisch plaatje door Fedde voorgeschoteld die ons samen met schipper Sjoerd naar het eiland bracht.

Vroeger ging bijna alles daar over het water en op het eiland zelf waren destijds 5 boerenbedrijven gevestigd die door de vruchtbare grond een goed product konden produceren. Er bleef zelfs voldoende geld over om voor de boerin een gouden oorijzer aan te schaffen en daarmee op zondag naar de kerk te gaan (en te pronken…). Op zich heel interessant maar historici is weer een andere groep dan vogelaars en voor de rondvliegende Bruine Kiekendieven en de Koekkoek die zich van zeer dichtbij liet bewonderen, was helaas wat minder aandacht. Maar goed, dat vulden de vogelaars dan wel weer aan.

Na op het eiland aangekomen te zijn werden we door Pytsje verrast met zelfgebakken koek en koffie of thee. Er werd ons verteld dat Pytsje en haar man nu 9 jaar als boeren op het eiland actief zijn (als erfpachters van Staatsbosbeheer) en tegenwoordig als biologisch-dynamisch bedrijf onder het Demeter-keurmerk vallen.

Het als weidevogelbedrijf actief zijn, wordt door de provincie met subsidies ondersteund. Daarbij is het niet altijd eenvoudig om beheerplannen te maken die aansluiten bij een bepaald natuurdoeltype inclusief de daarbij behorende (of gewenste) flora en fauna. Dit temeer daar er vaak tal van factoren zijn die invloed hebben op het al dan niet voorkomen van soorten en/of de grootte van populaties. Zo is de Velduil nog 1 van de wenssoorten maar hoe creëer je condities om een paartje Velduil naar het eiland te lokken? Dat valt nog niet mee.

Na de introductie van Pytsje konden we even op de boerderij rondkijken. Varkens die nog lekker in de modder kunnen wroeten, een toom kippen in een ren en een hele kade rondom het erfperceel, zo goed als nieuw. De reden daarvan was dat het eiland als waterbuffer is aangemerkt om bij wateroverlast na hevige regenval met name de bebouwde omgeving, voor zover mogelijk, te ontlasten. Welk effect dat zal hebben onder welke omstandigheden, zal de toekomst leren. In het kader van datzelfde project was er ook een dubbelspoor betonpad tussen de 2 boerderijen op het eiland aangelegd. Dit om het verkeer tussen de boerderijen ook onder natte omstandigheden zo lang mogelijk in stand te kunnen houden. Er is de afgelopen winterperiode in ieder geval veel werk verzet op het eiland (de begroting was volgens Wetterskip Fryslân € 2,3 miljoen).

Wat de weidevogels betreft, zagen we de diverse soorten als Tureluur, Kievit, Grutto en Scholekster. Gemiddeld zitten er de laatste jaren op 175 hectare zo’n 70 paar Grutto, 35 Tureluur, 15 Kievit en 15 Scholekster. Een aantal waargenomen kemphanen vormden de slagroom op de taart (maar die broeden er waarschijnlijk niet).

Vanaf het pad konden we zelfs een nestje van de Scholekster waarnemen. In die zin deed het wel denken aan de weilanden achter Lippenhuizen van mijn jeugd (de jaren zeventig) toen ik daar met mijn opa ging eierzoeken. Die liet me soms net zo lang heen en weer lopen totdat ik het nest (wel) had gevonden (wat hij natuurlijk al lang had gezien maar dat wist ik toen niet).

De exacte aantallen voor 2022 werden door de Vogelwacht nog in kaart gebracht. Het algemene beeld van Klaas Bokma senior, die in de 2e boerderij op het-eiland woont en die ons rondleidde, was dat het dit jaar wat rustiger was dan in voorgaande jaren. De vogelteller die in het veld aan het werk was toen wij er waren, had op een gedeelte al 20 gruttonesten geteld, dus mogelijk valt het nog mee.

Opvallend was wel dat op vrijwel alle percelen de boterbloem nogal overheerste en dat er zo op het eerste gezicht weinig verschil in biotoop tussen de percelen was. Wel is er de afgelopen winter een plasdrasdeel aangelegd waar o.a. de Otter reeds is gesignaleerd (en waar we ook het skelet van een grote snoek in de oever zagen liggen).

Al wandelend bereikten we uiteindelijk de boerderij van Bokma senior. Daar werden we door Fedde en Sjoerd weer met de boot opgepikt waarna we weer terug naar Woudsend werden gevaren. Na aankomst in de haven hebben we als gezin aldaar nog een meegebrachte boterham gegeten. Een terrasje o.i.d. zat er ditmaal niet in. Het was tenslotte het einde van 2 weken mei-vakantie en in die 14 dagen hadden we reeds voldoende gesnackt. Met nog steeds het geluid van de Grutto op de achtergrond, was dat een mooi einde van een boeiende excursie.


« terug